Berichten

uitvaarten

‘Sommige uitvaarten blijven je altijd bij’

Ik ben zo’n 36 jaar geleden als ambulancechauffeur gaan werken in het plaatselijke ziekenhuis, met als ‘bijbaan’ het verzorgen van het mortuarium en het assisteren van de patholoog-anatoom. Destijds was er ook een aula aan het ziekenhuis verbonden, waardoor ik veel contact had met diverse uitvaartverzorgers. De zorg, in welke vorm dan ook, heeft mij altijd getrokken.

Sjaak Advokaat
Verzorger en assistent

Uitvaartbranche

Later, toen er het een en ander in het ziekenhuis veranderde en de ambulancedienst en het mortuarium door derden werden geëxploiteerd, bleef voor mij alleen het werk op de ambulance over. Ik wilde er weer wat bij gaan doen en merkte aan mezelf dat de uitvaartbranche toch bleef trekken. Toen ik via een oud-collega met Anne Besems in contact kwam, hoefde ik niet lang na te denken toen hij me vroeg of ik zo nu en dan wilde helpen. Al snel draaide ik mee als assistent van de uitvaartleider. Daarbij draag ik, op de dag van de uitvaart, zorg voor veel zaken die zich voor veel zaken die zich tijdens de uitvaart op de achtergrond afspelen: van het ontvangen van gasten tot het in orde maken van de geluidsinstallatie op de begraafplaats.

Uitvaarten

Iedere uitvaart is bijzonder, maar sommige uitvaarten blijven je altijd bij. We hebben een keer een crematie gehad met een discomoment. De overleden man, een 50’er, hield daar nu eenmaal erg van. Het crematorium kon wel iets doen met lichteffecten. Het was slechts gedurende één nummer een complete disco. Op zo’n moment zie je het gezelschap wel even schakelen, maar iedereen begreep het.

Verzorging

Daarnaast hoort het verzorgen van mensen die zijn overleden ook tot mijn taken. Dat doen we altijd in alle rust en met veel respect. Dat is iets wat niet alleen Anne erg belangrijk vind, maar waar ik zelf ook waarde aan hecht: geen tijdsdruk en alle tijd nemen voor de overledene en de nabestaanden. Zo zou ikzelf ook behandeld willen worden, dus zo wil ik het ook voor een ander doen. Ik vind het belangrijk dat de familie de gelegenheid krijgt om mee te helpen met het verzorgen van hun dierbare. Juist wanneer ze dat in eerste instantie niet willen of durven. In de loop der jaren heb ik toch best wat mensenkennis opgebouwd, waardoor ik de meeste mensen wel enigszins kan ‘lezen’. Ze zeggen dan wel dat ze niet bij de verzorging aanwezig willen zijn of niet durven helpen, maar ik zie in hun ogen dat ze twijfelen. Vaak is het ook een stukje angst voor het onbekende. En juist als ik díé angst kan wegnemen, is dat zo mooi! Maar regelmatig verzorg ik de overledene ook zonder familie erbij. Dat doe ik samen met een van mijn collega’s. Vooral wanneer er een langdurig ziekbed aan het overlijden vooraf is gegaan, ziet de overledene er meestal niet meer uit zoals voorheen. Wij proberen dat oude beeld weer terug te krijgen: een goede verzorging, de haren weer mooi en netjes aangekleed. Vaak krijg je dan opmerkingen als ‘Ik heb mijn vader in jaren niet meer zo gezien’ of ‘Je hebt me mijn moeder terug gegeven’. Een mooier compliment kunnen ze mij niet geven en dat is wat mijn vak zo waardevol maakt.